Zendingsbeleid PGMorgenstond Schiedam

1. INLEIDING
Het zendingswerk vanuit onze gemeente wordt volgens het hierna beschreven zendingsbeleid uitgevoerd en begeleid.
Dit document is bedoeld als een richtlijn, en géén starre wet! Het zendingsbeleid zal steeds aan de praktijk worden getoetst.
Gesprek erover tussen alle betrokkenen, en commentaar erop van gemeenteleden wordt uitdrukkelijk aangemoedigd!
1.1. Wat is zendingswerk?
Het uitvoeren van Christelijk werk in andere culturen en ondersteuning van dat werk vanuit de eigen cultuur of land.
De grens tussen cross cultureel zendingswerk in het buitenland en evangelisatiewerk in onze multiculturele samenleving is in sommige opzichten gradueel.
Voor ons zijn de kenmerken van evangelisatiewerk:
a. het vindt in onze eigen multiculturele samenleving plaats,
b. binnen de eigen landsgrenzen
c. men kan voorbereiding, door het leren van een andere taal en cultuur niet als voorwaarde stellen.
Zendingswerk daarentegen vindt plaats buiten onze eigen multiculturele samenleving, buiten de eigen landsgrenzen en men bereidt zich voor door het leren van een andere taal en cultuur.
1.2. Zendingswerk bestaat onder andere uit:
a. Evangelieverkondiging;
b. Het maken van discipelen en dopen van discipelen;
c. Het stichten van gemeenten in andere landen en culturen;
d. Helpen in de groei en ontwikkeling van die gemeenten.
e Alle werkzaamheden die het uiteindelijke doel, gemeente stichting, ondersteunen.
Sociale hulpverlening kan een ondersteunend onderdeel van zendingswerk zijn. In sommige landen komen zendelingen alléén binnen als ze een beroep uitoefenen. Soms
wordt een bijdrage aan het zendingswerk geleverd door bijbelvertaalwerk of leesonderwijs (Wycliffe). Dit wordt dan ook onder zendingswerk gerekend.
1.3. De zendingsopdracht
Deze staat op meerdere plaatsen in de Bijbel (NBV) in Mattheüs 28:19-20 staat:
GAAT DUS OP WEG EN MAAK ALLE VOLKEN TOT MIJN LEERLINGEN DOOR HEN TE DOPEN IM DE NAAM VAN DE VADER EN DE ZOON EN DE HEILIGE GEEST, EN HUN TE LEREN DAT ZE ZICH MOETEN HOUDEN AAN ALLES WAT IK JULLIE OPGEDRAGEN HEB. EN HOUD DIT VOOR OGEN: IK BEN MET JULLIE, ALLE DAGEN TOT AAN DE VOLTOOI ING VAN DE WERELD

2. ZENDINGSBELEID
2.1
Het beleid is gericht op ondersteuning van zendelingen uit de eigen gemeente.
Er wordt uitgegaan van de persoonlijke roeping van de (kandidaat)-zendeling. Deze roeping wordt door de leiding van de gemeente getoetst. De gemeenteleiding zal ook adviseren over eventuele verdere studies en/of stages ter voorbereiding voor het uitgaan als zendeling.
De gemeente zendt in principe haar zendelingen uit via zendingsorganisaties. Deze zijn verantwoordelijk voor het kader waarbinnen de zendingswerkzaamheden worden uitgevoerd. De gemeenteleiding en de gemeenteleden hebben daarin een ondersteunende taak! De gemeente ondersteunt de bediening van de zendelingen.
Aangezien wij de bediening van de zendelingen steunen kan de aard en de plaats van het zendingswerk wijzigen.
De gemeente kan helpen in: de voorbereidingsperiode, bij uitzending, tijdens de veldperiode en in het verlof van de zendelingen.
2.2
Wij kunnen zendelingen uit andere gemeenten en organisaties vragen om een zendingsavond of informatie avond te verzorgen. Van te voren zullen we hen op de hoogte stellen van ons beleid om alleen zendelingen uit onze eigen gemeente structureel te ondersteunen. Wij verwachten tijdens dit soort bijeenkomsten dan ook geen oproep voor structurele ondersteuning. Dit om te voorkomen dat we de financiële mogelijkheden van de gemeente te dun spreiden. Dit heeft uiteraard niets te maken met de persoonlijke vrijheid van gemeenteleden om ook zendelingen die niet uit de gemeente komen structureel te ondersteunen.

3. ORGANISATIE VAN DE ZENDINGSWERKGROEP
Er is een Zendingswerkgroep (ZWG), die veel van het ondersteunende werk organiseert en coördineert. Deze ZWG adviseert en rapporteert aan de leiding van de gemeente. De ZWG bestaat bij voorkeur uit circa vijf personen. De leden van de ZWG moeten meelevende leden van onze gemeente zijn.
De ZWG komt in principe maandelijks bijeen. Tijdens zo’n bijeenkomst wordt er gebeden en worden er zaken, die het zendingswerk betreffen, doorgenomen en actiepunten afgesproken. De vergaderpunten worden genotuleerd en ook naar de oudsten gedistribueerd.
 
4. TAKEN VAN DE ZENDINGSWERKGROEP
De ZWG voert het zendingsbeleid van de gemeente uit.
Haar taken zijn:
a. Begeleiding van kandidaat-zendelingen;
b. Zorg voor de zendelingen;
c. De gemeenteleden aanmoedigen tot gebed voor, en contact mèt onze zendelingen;
4.1. Begeleiding van kandidaat-zendelingen
Gemeenteleden die de zending in willen gaan, kunnen contact opnemen met de ZWG en/of de gemeenteleiding. Wordt de roeping bevestigd, dan begeleidt en adviseert de ZWG samen met de gemeenteleiding de kandidaat-zendeling.
Om een kandidaat-zendeling staan heen:
a. De gemeenteleiding;
b. De ZWG;
c. Gemeenteleden;
d. De zendingsorganisatie;
e. De zaakwaarnemer of gemachtigde;
f. De contactpersoon nieuwsbrief.
4.2. Zorg voor de zendelingen
Voor en tijdens de verlofperioden van zendelingen zal de ZWG waar nodig en waar mogelijk helpen. Dit kan zijn bij:
a. Het zoeken naar gepaste huisvesting;
b. Het (mede) verzorgen van de verlofagenda. (ook letten op voldoende rust)
c. Het opstellen van een checklist van aandachtspunten tijdens de verlofperiode. (zoals medische keuringen, verzekeringen)
d. Ervoor zorgen dat de zendelingen in de verlofperiode goed worden opgevangen en dat zij ‘hun verhaal kwijt 'kunnen’ (debriefing). Tijdens de Veldperiode: Praktische hulp naar behoefte. Dit is afhankelijk van de economische toestand op het zendingsveld, Zie ook de punten 4.3 en 4.5 hieronder!
4.3. Aanmoedigen tot gebed voor, en contact mèt onze zendelingen
De ZWG vervult een stimuleren rol naar de gemeente in voorbede en contact. Dit gebeurt door o.a.
a. Aandragen van gebedsonderwerpen op gemeentebidstonden;
b. Doorgeven van in de bidstonden uitgesproken profetieën voor de zendeling;
c. Sturen van verjaardagskaarten vanuit de gemeente;
d. Het doorgeven van nieuws van de zendelingen aan de gemeente;
e. Verzorgen voor het vermenigvuldigen van nieuwsbrieven, het uitdelen in de gemeente en het versturen ervan;
f. Nieuws uit de gemeente doorgeven aan onze zendelingen; (De Info, nieuwsbrieven van collega-zendelingen etc.)
4.4. Het geven van voorlichting over zending aan de gemeente door:
a. Het uitnodigen van zendelingen met verlof voor een spreekbeurt op zondag of op een zendingsavond;
b. Het regelmatig organiseren van zendingsbijeenkomsten zoals gebedsnacht, zendingszondag, etc;
c. Zendingsinformatie op de info-tafel verzorgen
d. Nieuws over zendingswerk wereldwijd door te geven aan de gemeente.
4.5. Adviseren en informeren van de gemeenteleiding over:
a. Acties ter ondersteuning van zendelingen;
b. Het houden van speciale financiële acties voor plotselinge noden;
c. De financiële positie van de zendelingen en over de maandelijkse bijdragen aan de zendelingen;
d. Voorbereiding van kandidaat-zendelingen.
5. ZENDINGS-FINANCIËN
5.1. Opleiding en training
De kosten van onderhoud en training tijdens de voorbereidingsperiode zijn in het algemeen voor eigen rekening van de kandidaat zendeling. Onder training van vallen ook acties zoals: DTS………….. en ……………..
5.2. Korte-termijn uitzending (korter dan 2 jaar)
In principe zijn ook alle kosten voor eigen rekening van de zendeling. Hiervan kan worden afgeweken in bijzondere omstandigheden. De aard van het zendingswerk (zie 1.1) is in principe een lange termijn kwestie (met uitzondering van de ondersteunende bedieningen).
5.3. Lange-termijn uitzending:
Bij ‘lange termijnzending’(langer dan twee jaar) stelt de ZWG in overleg met de gemeente een maandelijkse bijdrage per zendeling voor aan de gemeente. Hierbij dient rekening te worden gehouden met toegezegde vaste bedragen van sponsors, van zowel binnen als buiten de gemeente. Behalve de kosten voor persoonlijk onderhoud zijn er ook kosten voor o.a.:
a. Verzekeringen;
b. Medische- en tandheelkundige zorg;
c. Opbouwen van oudedagsvoorzieningen
d. Werkkosten zoals taalhulp, transport etc
De EZA (Evangelische Zendings Alliantie) afdeling verzekeringen, heeft hiervan alle gegevens en bemiddelt ook bij het afsluiten en afhandelen van deze zaken.
Bezoek en Postadres: Eendrachtstraat 29 a, 3784 KA TERSCHUUR Telefoon alg: 0342 - 46 21 98. Verzekeringen: 0342-46 23 89 Fax: 0342- 46 14 92, Postbank: 2914340 Email: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien. (algemeen), Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien. (verzekeringen) Website: http://www.eza.ln (update 23jan07)
5.4. Financiële bronnen
a. De financiële bronnen voor de zendelingen zijn:
1. De gemeentekas via de penningmeester. (het afgesproken maandbedrag)
2. Giften op naam van de zendeling van mensen buiten de gemeente.
3. Eenmalige, extra giften van gemeenteleden voor een speciaal doel.
4. Geld van speciale acties of zendingscollectes.
5. Giften rechtstreeks aan de zendeling of de zendingsorganisatie. 
5.5. Handelswijze t.a.v. financiën
De gemeente dient op de hoogte te zijn van de financiële positie van de zendelingen. Jaarlijks worden dan de maandelijkse bijdragen vastgesteld en worden de zendelingen hierover geïnformeerd.
ad 5.4.1. Het afgesproken maandbedrag
Dit wordt maandelijks aan de zendeling overgemaakt, tenzij in overleg een andere regeling wordt afgesproken.
ad 5.4.2. Giften op naam
a. Door de penningmeester van de gemeente wordt een registratie bijgehouden van de giften van sponsors buiten de gemeente. Deze worden boven de gemeentebijdrage overgemaakt naar de betreffende zendeling.
b. De zendeling krijgt een 3-maandelijks overzicht van deze giften van buiten de gemeente, die op de ‘gemeente-rekening’ zijn binnengekomen. De sponsors kunnen zo door de zendeling persoonlijk worden bedankt.
c. Giften gegeven door gemeenteleden op naam van de zendeling zullen worden gebruikt om het afgesproken maandbedrag aan de zendeling over te maken. Als deze giften totaal niet genoeg zijn om het maandbedrag te betalen dan zullen ook de algemene giften aan de gemeente worden gebruikt om aan dit maandbedrag toch te voldoen. Het maandbedrag is een verplichting die we als gemeente op ons nemen. Als de giften op naam van de zendeling totaal meer zijn dan het maandbedrag zal het meerdere van deze giften voor die zendeling worden gereserveerd binnen de boekhouding van de gemeente. Deze reservering kan worden gebruikt om de verplichting van het maandbedrag na te komen. Als deze reservering groter wordt dan driemaal het maandbedrag zal het meerdere direct worden overgemaakt naar de zendeling.
d. Giften gegeven door gemeenteleden op naam van de zendeling en met de vermelding van een speciaal doel, (bv. Aanschaf computer of aanschaf fiets, bouw van huis etc.) zullen direct boven het maandbedrag aan de zendeling worden overgemaakt. (gedesigneerde giften)
e. Extra giften van gemeenteleden aan een zendeling die als extra gift boven het maandbedrag van de gemeente zijn bedoeld (maar verder geen speciaal doel hebben of ongedesigneerd zijn). Deze giften kunnen via de zendingsorganisatie lopen of rechtstreeks aan de zendeling worden overgemaakt. Als deze giften via de gemeente lopen zullen ze alleen als extra worden overgemaakt als de reservering voor het maandbedrag voor drie maanden vol is.
ad 5.4.3. Extra giften voor een speciaal doel
Deze worden als extra gift boven het maandbedrag overgemaakt naar de zendeling. De zendeling gebruikt deze giften voor het doel waarvoor ze gegeven zijn.
ad 5.4.4 Geld van speciale acties of zendingscollectes
Dit wordt volgens het daarvoor opgegeven doel besteed.
ad 5.4.5 Giften buiten de gemeentekas om.
Hier heeft de gemeente geen zicht op. Bij het vaststellen van de gemeentebijdrage worden deze wel in de besluitvorming meegenomen. We gaan dan af op informatie van de zendeling zelf. 
5.6 Terugkeer van zendelingen
Een lang verband zendeling die na uitzending terugkomt en niet langer in zijn/haar bediening werkzaam blijft.
Deze zendeling zal in principe nog maximaal een jaar worden ondersteund. In deze periode zal men zoveel mogelijk assisteren in reïntegratie in de maatschappij.
Een lang verband zendeling die na uitzending terugkomt en full-time doorgaat in zijn/haar bediening. In principe gaat de ondersteuning door omdat wij de bediening ondersteunen.
Afhankelijk van de specifieke situatie zal in overleg worden besloten of de ondersteuning 100% zal doorgaan of dat er combinaties met andere inkomensregelingen kunnen worden getroffen. Uitgangspunt blijft dat we de bediening blijven steunen en de beperkte financiële bronnen van de gemeente verantwoord willen inzetten. Een kort verband zendeling die na twee jaar terugkeert.
In de meeste gevallen zal deze zendeling de plannen voor terugkeer binnen twee jaar hebben gemaakt. Om de overgang naar de Nederlandse maatschappij tijd te gunnen zullen we proberen nog zes maanden met de ondersteuning door te gaan. Dit kan ook korter zijn als de integratie snel lukt. Een kort verband zendeling die na meer dan twee jaar terugkeert. Voor deze zendeling geldt de regeling van een langverbander die niet verdergaat in zijn/haar bediening.

6. VERANTWOORDELIJKHEDEN
6.1. Verantwoordelijkheid van de gemeente
Deze bestaat, naast het nakomen van de financiële verplichtingen, ook uit zorg op pastoraal gebied. De betreffende zendingsorganisatie heeft daarin ook een eigen verantwoordelijkheid. Daarnaast behoort de gemeente ook contact met de zendeling te onderhouden, om zo op de hoogte te blijven van de persoonlijke-, gezins- en werksituaties. Verder zal de gemeente de zendeling op de hoogte houden van ontwikkelingen in de gemeente.
Het bezoeken van de zendeling op het zendingsveld is gewenst. Het gebed blijft de belangrijkste verantwoordelijkheid van de gemeente.
6.2. Verantwoordelijkheid van de zendeling
Van de zendeling wordt verwacht dat voldoende informatie aan de thuisgemeente wordt doorgegeven. Regelmatig opstellen van nieuwsbrieven. De frequentie wordt vooraf overeengekomen. Zo wordt de gemeente in staat gesteld om haar verantwoordelijkheid naar de zendeling te kunnen nakomen. Verder is het belangrijk dat de zendeling – ook tijdens een verlofperiode- persoonlijke contacten legt en onderhoudt.
De zendeling moet bereid zijn op verzoek van de ZWG, in overleg met de penningmeester/gemeenteleiding, informatie te geven over zijn/haar financiële situatie. Dit met het oog op de vaststelling van de bijdrage.
6.3. Verantwoordelijkheid van de zendingsorganisatie.
De mate van verantwoordelijkheid die een zendingsorganisatie neemt t.o.v. de zendeling en de uitzendende gemeente verschilt per organisatie. De gemeente leiding
en ZWG stellen zich voordat een zendeling uitgaat op de hoogte van de positie van de zendingsorganisatie. De wederzijdse verwachtingspatronen moeten helder vastliggen
voordat een zendeling uitgaat.
 
7. ZENDINGSKANDIDATEN
7.1. Van een kandidaat voor lange termijn zendingswerk verwachten we dat hij/zij:
a. Blijk geeft van een levende relatie met de Heer;
b. Minimaal twee jaar actief is geweest in de gemeente; In deze tijd kan ook duidelijk worden of er voldoende draagvlak in de gemeente bestaat voor uitzending met een fulltime zendingstaak
c. Indien het een gehuwde kandidaat betreft, dienen beide partners te voldoen aan de voorwaarden als genoemd onder de eerste twee punten;
d. Beschikt over de nodige vaardigheden, dan wel deze bereid is deze binnen afzienbare tijd te verwerven; Hierbij wordt gedacht aan ‘bediening’ persoonlijke bekwaamheden en opleiding;
Het verdient aanbeveling dat een aanstaande zendeling eerst voor korte tijd actief is in een zendingsproject/-land;
Een bijbelschoolopleiding, of daaraan gelijkwaardige opleiding en ervaring is noodzakelijk.
e. Een persoonlijkheid is, van wie kan worden verwacht dat deze de gekozen zendingstaak ook kan vervullen.
7.2. Van een kandidaat voor korte termijn zendingswerk (< 2jr) vragen we dat deze:
a. Aan bovengenoemde eisen voldoet, met uitzondering van de opleidingseisen.